Zaterdag reizen Hans en ik naar een project in West-Afrika waar nog maar een klein aantal Oud Testamentische boeken hoeft te worden goedgekeurd voor publicatie. Dat betekent dat de Bijbel in deze taal bijna klaar is om de voorbereidingsfase in te gaan voor het drukklaar maken.
Wat een voorrecht om mee te mogen werken aan het afronden van deze laatste boeken!
Het Nieuwe Testament wordt gereviseerd. Al naar gelang er tijd is checkt Hans hiervan ook nog een deel.
Deze taal wordt in drie landen door ruim 5.2 miljoen mensen gesproken, waarvan 99% Moslim is.

Hans ziet best op tegen het werk. Het is een bijzonder vertaalteam waar veel fijngevoeligheid nodig is voor een goede samenwerking.

Diet heeft geen verantwoordelijkheden. Haar gezondheid is nog beperkt als het om werk gaat.
We zijn dankbaar dat we samen mogen en kunnen reizen.
We vliegen zaterdagmorgen vanaf Brussel.

Vrijdagmiddag 13.30
Hans zit opgelucht op de bank! Het is gelukt om met de Adja-vertalers te doen wat er op het programma stond. Ezra en Nehemia zijn nagekeken, als ook de laatste 5 hoofdstukken van 2 Samuel. Morgen rijden de twee vertalers met ons mee naar het zuiden. Ook voor ons zit de tijd in Togo er weer bijna op. Vandaag pakken we onze koffers om morgen naar Lomé te rijden. Twee dagen rust en dan vliegen we maandagnacht naar Brussel. We zijn dankbaar voor een bijzonder goede tijd, ondanks wat moeite hier en daar. God is trouw!

Op de foto zien jullie de twee Adja-vertalers en een foto genomen op het balkon vlak buiten de zaal waar Hans met hen werkt. Onderaan ziet u een groepje uit de kerk die aan het oefenen is met het lezen van een nieuw uitgekomen Kabiye boekje (Esther). Rechts onder ziet u hoe 1440 exemplaren van het Kabiyé Nieuwe Testament aankomen uit Lome met de bushtaxi. Het ging (zeer onverwachts) plotseling heel hard regenen. De dozen stonden allemaal op het dak! Gelukkig was er een groot zeil voor handen dat snel eroverheen gespannen kon worden. Dat zou toch wel zonde zijn geweest van 1440 mooie nieuwe exemplaren!

Samen met de andere Kabiyé-vertalers hebben we vrijdagavond bij Dadja gegeten om te vieren dat Jesaja, Daniël, Maleachi, Hooglied en Zacharia konden worden nagekeken. Het was een hele ruk! Van het Kabiyé Oude Testament is nu 80% goedgekeurd voor publicatie. Hier en daar moet deze tekst nog wel licht gecorrigeerd worden, maar het einde van dit project komt in zicht!
Vandaag kwamen de Adja-vertalers uit Benin aan op het centrum. Hans hoopt morgen met hen te gaan werken aan Nehemia en Ezra.

Hierboven ziet u een fotocollage van het SIL-centrum en het weggetje erheen. Behalve de kantoren voor SIL (hier in Togo en Benin verantwoordelijk voor 25 vertaal- en alphabetiseringsprojecten) huisvest dit centrum ook een school met 100+ leerlingen en de kantoren van Compassion voor Togo. De conferentiezaal wordt ook gebruikt voor diensten en andere bijeenkomsten. Het is hier altijd een drukte van belang. Maar met de inkomsten van de school en Compassion kan SIL Togo/Benin zelfstandig dit vertaalcentrum draaiende houden zonder inkomsten uit het buitenland.

Hans werkt deze week aan Maleachi en Hooglied met de Kabiye-vertalers. Daniel en Zacharia zijn inmiddels nagekeken!
Dadja, de hoofdvertaler is hersteld van de malaria maar blijft toch nog tobben met zijn gezondheid. Thuis zijn er ook zorgen. De schoonmoeder woont nu bij hen in na een CVA die haar halfzijdig verlamd achterliet. Hier in Afrika zonder thuiszorg en de gemakken van een huis met stromend water, is dat niet gemakkelijk.

In de boekhandel gaat het goed. Er wordt niet heel veel verkocht maar er komen toch regelmatig mensen. Voor een gesprek, voor een leesbril, voor een Bijbel of traktaat of voor een SD-kaartje met één van de Nieuwe Testamenten in audio vorm. De nieuwste Kabiye boekjes die net zijn uitgekomen (Esther en Jozua) worden ook als evangeliemateriaal ingezet in de dorpen waar Nicolas wekelijks komt.
En iedereen die een Kabiye Nieuw Testament koopt krijgt er een Oud Testamentisch boekje bij. Niet alleen Jozua en Esther zijn nu beschikbaar, ook Genesis en Jona zijn uitgekomen.
Angele en Nicolas zijn trouwe werkers. We zijn blij met hun inzet. Naast het boekhandeltje hebben ze (een paar jaar geleden al) een eenvoudig vergaderlokaal gebouwd. Elke zondag is er zondagschool, wordt er brood gebroken en wordt er gedanst en gezongen. Zie foto.

Gisterenmiddag tegen vier uur kon Hans met de vertalers de laatste verzen van Jesaja nakijken. Dat voelde goed, Jesaja is af! En we aten veel vis deze week…

Het SIL-centum huisvest een kostschool met 103 geslecteerde leerlingen die gespecialiseerd middelbaar onderwijs volgen. Hans en ik eten tussen de middag mee met wat de kost schaft:
Vis, vis en nog eens vis. Gestoomde vis, gegrilde vis, gerookte vis, gemalen vis…Je moet hier van vis houden!
Na een maaltijd gisteren van gemalen vis in tomatensaus en hardgekookte eieren zijn we blij vanmiddag een gegrild visje (inclusief kop) op ons bord te zien. De vis is heerlijk vanmiddag maar zit alleen natuurlijk vol met graatjes. We zien onze Togolese collega een paar keer kijken als we telkens wat graatjes uit ons mond halen om netjes op onze bordrand te leggen. “Is er wat?” vraagt Diet. “Nee hoor” zegt hij, maar lacht. “Doen we iets verkeerd, cultureel?  “Vraagt Diet dit keer. “Nee hoor” zegt hij.
Nu moet je weten dat we in West Afrika in “a no-shame” cultuur zitten. Je laat iemand nooit en te nimmer gezichtsverlies leiden. Iemand doet nooit iets verkeerd zogenaamd.
“Hoe eten jullie vis in Dapaong?” Diet weet van geen ophouden. Ze stelt de vraag gewoon op drie manieren.
Onze collega is Moba en komt uit het gebied dat grenst aan Burkina Faso.
Nu krijgen we wel te horen hoe ze vis eten. “Je hebt een linker en een rechter wang toch? “
Ja, dat hebben we maar dat helpt ons de zaak nog niet begrijpen. Het blijft een poosje stil. Ook wij wachten het maar even af. “Nou” zegt hij voorzichtig. “Je hevelt met je tong de graten naar de linker kant van je mond, de zachte vis gaat naar de rechter kant van je mond. 2 wangzakken hebben we van God gekregen”. Aha! Zeggen we. Het licht begint te dagen. “Alles uit je rechterwangzak slik je door en aan het einde van de maaltijd spuug je je linkerwangzak leeg. Zo doen we dat ook met kippenbotjes”.  Nu lachen we alle drie!
Zouden we ooit zo vis kunnen leren eten? Het klinkt namelijk makkelijker dan het in werkelijkheid is wanneer we het de volgende dag (met een ander visje) discreet proberen.
Hans en ik komen al meer dan 30 jaar in Afrika. We horen nog steeds nieuwe dingen!

Een aantal hoofdstukken in Jesaja bevat verzen die gelijk zijn, of min of meer gelijk zijn, met verzen uit 2 Koningen. Parallelverzen noemen we die.
Je zou verwachten dat de vertalers, aangekomen bij deze verzen, zouden denken: Yippie, even niet vertalen. Alleen even kijken hoe we dat ook alweer in 2 Koningen hebben gedaan. Maar dat gebeurde niet. (Het is ook niet altijd slim om het zo te doen: uit een nieuwe poging kan een betere vertaling voortkomen.)
Hoe dan ook, onze vertalers hebben deze gedeelten helemaal opnieuw vertaald. Maar wel ánders. En zonder zich bewust te zijn dat de twee passages met elkaar vergeleken moesten worden. Zucht. Zo gaat dat natuurlijk weleens. Het was inspannend  en duurde lang voordat ik met de vertalers er voor kon zorgen dat de teksten woord voor woord hetzelfde waren, of, waar dat nodig was, de verschillen konden worden gehandhaafd. Nu is alles consequent en consistent vertaald. Het was een heleboel werk.
Heel trots hebben de vertalers ons ook laten zien dat Josua in leesvorm is uitgegeven. Een mooi klein boekje is het geworden dat voor 70 cent nu in de boekhandel ligt.

De eerste volle werkweek, na de lange reis, zit er bijna op als Hans laat vrijdagmiddag onze kamer binnenloopt. ‘De vertalers waarschuwen ons dat het heel lawaaierig kan worden’, zegt hij. Er is een begrafenis dit weekend.
Ik had al veel bedrijvigheid gezien vlak voor de poort van het SIL-centrum. Een grote partytent en een joekel van een geluidsinstallatie.
Nu moet je Afika kennen: een begrafenis betekent van vrijdagavond tot en met zondag knalharde muziek, klaagzang, trommels en dronken mensen.
En zo gebeurde.
Alleen…kwam de herrie niet alleen van de straatkant maar even later ook van de conferentiezaal vlak naast ons huis. Ook daar een versterker, voluit. Een kerk houdt tegenwoordig op vrijdagavond, zaterdagavond en zondagmorgen diensten op het SIL-centrum.
Het geluid kwam oorverdovend van beide kanten!
Ik ben gezegend met een doortastende man. Hans zei niet veel maar nadat we gegeten hadden stelde hij voor onze toilettassen te pakken en er op uit te gaan, naar een hotel.

Enfin!
Wij hebben dus ons weekend doorgebracht in een West Afrikaans hotel. Een nette kamer met ramen en gordijnen die niet openkonden. Maar wel een schoon bed en een nette badkamer. Ik had inmiddels zoveel hoofdpijn dat ik dubbel zag van ellende met een vergezellende piep en brom in mijn oor die tot in Tokyo gehoord konden worden. Maar de donkere, ongezellige kamer was wel precies wat ik nodig had om weer bij te komen en Hans kon in alle rust zijn preek voor zondagmorgen voorbereiden. Zondagmiddag keerden we terug naar het SIL-centrum. De rust was er weer gekeerd.

We hadden net ons boeltje weer uitgepakt toen er geklopt werd. Daar stonden Joël en zijn vrouw met een tas waarin we wat konden zien bewegen. Mochten ze even binnen komen? Na elkaar eerst uitgebreid gegroet te hebben kwamen ze zitten. Ze hadden een kado voor ons!
Heel voorzichtig haalden ze een….haan uit de tas!
Voor ons, zeiden ze vol trots, als dank dat we hen de afgelopen jaren hadden geholpen om hun huis te bouwen.
Een haan! Wat moeten daar nou mee? Mee terugnemen naar Nederland zal niet gaan. We hebben hem nu aan een koord achter het huis vast gemaakt met een bakje met water en wat maiskorrels.
En… wat hoorden we maandagmorgen vroeg toen we om half zes wakker werden? Ja, juist! Het gekraai van een haan vlak achter ons huis!

Het was ons het weekend wel!
Blij waren we dat we weer “gewoon” aan het werk konden vanmorgen. Hans is inmiddels, inclusief vandaag, in Jesaja 28 aangeland.

Wordt vervolgd!

“Niet alleen maar samen” zingen Elly en Rikkert in een van hun kinderliedjes.
Terwijl Hans en ik ons aan het voorbereiden zijn op onze reis naar Togo  van a.s. dinsdag klinkt dit liedje telkens in mijn hoofd.
“Niet alleen, maar samen!”
Het is in ons geval zo waar. Dit Bijbelvertaalwerk zouden we nooit alleen kunnen doen. We zijn omringd door zoveel lieve mensen. Onze gemeente in Hilversum bidt voor ons en leeft praktisch mee. Ons thuisfrontcomite vergadert regelmatig en houdt goed de vinger aan de pols. We maken deel uit van de Nederlandse afdeling van Wycliffe die ons een kader biedt om binnen te werken. Vrienden rijden ons morgen naar Brussel. Als we na de vlucht moe aankomen in Lome, staan daar onze Togolese vrienden ons op te wachten en mogen we twee nachten bij hen logeren. Van een ander echtpaar mogen we een auto lenen waarmee we dan donderdag  de lange rit naar het noorden maken. En aangekomen in Kara op het SIL centrum zijn daar onze Togolese SIL collega’s. Er wacht ons altijd een warm onthaal. Ook van het Togolese echtpaar met hun vier kinderen die de boekhandel runnen.
Als Hans dan maandag om de tafel gaat zitten om te beginnen met het nakijken van Jesaja zijn daar de vertalers.  Zij werken al jarenlang trouw elke dag aan het Oude Testament in het Kabiye. En ook zij zijn omringd door anderen die meewerken, mee helpen en meebidden.
“Niet alleen, maar samen!”

Dankbaar zijn we voor jullie, voor u. Dankbaar ook naar God die elke keer weer genade geeft.

Dankbaar zijn we natuurlijk ook voor het feit dat Diet mee kan dit keer. Na het ongeluk van januari 2018 leek het een poos of dit onmogelijk zou gaan worden. Het blijft wel spannend, want helemaal hersteld is Diet nog niet. Maar we zijn wel vol goede moed. Ze heeft geen vol programma en is vrij om net zoveel of net zo weinig te doen als ze aankan.
We hopen jullie vanuit Togo weer op de hoogte te houden.

Hans is inmiddels alweer een week in Pointe-Noire, Congo en het werk met de Kituba-vertalers gaat goed. Ze zijn vrijdag in Exodus 19 aangeland. Hans moet zo’n 100 verzen per dag doen wil hij op tijd klaar zijn. Hans logeert bij een Amerikaans echtpaar en neemt ’s morgens de taxi (allemaal blauw witte Toyota’s) naar het SIL-kantoor. Met drie vertalers en twee terugvertalers, en met de tekst op de muur geprojecteerd lopen ze zo door Exodus, vers voor vers. Laat op de middag weer met de taxi terug naar “huis”.
Het Kituba wordt gesproken door 3 miljoen mensen. Het Nieuwe Testament kwam in 2004 uit en is inmiddels een paar keer herdrukt.

Mooi nieuws: in Mali zijn de 8.000 Bijbels aangekomen. De tweede druk van de Dogon Bijbel! Vijf jaar geleden kwam de Dogon Bijbel voor het eerst uit. De 5.000 exemplaren van deze eerste druk waren begin dit jaar allemaal verkocht. Dankbaar zijn we voor de Nederlandse gevers die meehielpen om deze herdruk mogelijk te maken. We zijn bij dit project betrokkken. Hans heeft de hoofdvertaler helpen opleiden tot vertaalconsulent.
Veel mensen komen in dit Dogon gebied tot geloof. Maar er zijn grote zorgen om de veiligheid. Tijdens het Pinksterweekend kwamen 95 mensen om in een dorpje dat binnengevallen werd door Fulani, waarvan het vermoeden bestaat dat ze gelieerd zijn aan Jihadisten. Ethnisch geweld speelt een grote rol. Willen jullie danken voor het Evangelie dat hier voet aan de grond krijgt? Maar ook bidden voor de jonge gelovigen en de veiligheidssituatie?
Hans is inmiddels goed aangekomen in Pointe-Noire, Congo. Hij werkt met de vertalers aan Exodus.
In een volgend bericht meer daarover.
Voor nu: dank voor jullie betrokkenheid en gebed!